Tien tips voor een beter camerawerk

Tien tips voor een beter camerawerk

Al uw reisherinneringen op de lens van een digitale camcorder nemen is slechts het halve werk: eens u thuiskomt moet u alle fragmenten ook nog op uw computer aan elkaar rijgen tot een blits avonturenfilmpje. Dat laatste lukt wel dankzij eenvoudige monteersoftware, maar ook de mentaliteit tijdens het filmen moet goed zitten. We vroegen enkele tips aan een gerenommeerd documentairemaker.

1 - Doe uw voeten pijn

Loop, voordat u een gebeurtenis filmt, even een paar minuutjes de omgeving af: dat geeft u een goed overzicht, en levert misschien zelfs ideeën op voor creatieve cadrages of camerastandpunten. Afstand nemen van het onderwerp dat u wilt filmen: dat is een natuurlijke reflex bij professionele cameralui, en valt ook aan te raden voor goeie hobbyisten. Zoals u.

2 - Maak ‘inserts’

Een andere eenvoudige manier om uw zelfgeschoten filmpjes te professionaliseren is door de nodige ‘inserts’ te filmen. Dat zijn korte beelden waarmee u nog eens benadrukt waar u zich bevindt, maar waar het onderwerp dat u filmt (mensen, medereizigers, enzovoort) niet opstaan. U schiet ze om ze later met eenvoudige monteersoftware op uw pc in de opname te monteren om de boel wat dynamischer te maken. Dat vergt een beetje extra werk, maar monteersoftware is vandaag zo goed gemaakt dat u hem snel onder de knie hebt. Waar moet u op letten tijdens de opname zelf? Op details. Als u op reis bijvoorbeeld een berg filmt, neemt u niet alleen een groot panoramisch beeld van de volledige berg, maar zoomt u ook eventjes in op de flanken ervan.

3 - Speel de film al voor in uw hoofd

Onze cameraman noemt het zijn ‘mentale televisie’. Neem niet gewoon voor de vuist weg op wat u ziet of wat er in u opkomt, maar denk al een paar stappen vooruit: aan de avond waarop u thuis de door uzelf gemaakte en professioneel gemonteerde vakantievideo op het televisietoestel afspeelt. Probeer een verhaal in de gebeurtenissen te zien; tenslotte is iedere vakantieherinnering een verhaal op zich.

4 - Denk in ‘shots’

De meeste mensen filmen zetten de camera aan en laten hem lopen tot ze alles wat ze naar huis willen nemen op film hebben. Niet doen, zegt onze documentairemaker: door in verschillende ‘shots’ te filmen, komt er opnieuw wat dynamiek in het eindresultaat. Iedere gebeurtenis die u tegenkomt is een shot.

5 - Hou uw adem in

Heel wat reizigers komen thuis met een vakantievideo waarop uiteindelijk alleen maar een schokkerig beeld te zien is. Hier is een van de belangrijkste dingen die u in acht moet houden wanneer u filmt: uw camera moet stilstaan. Ingebouwde beeldstabilisatoren en andere technische tovenarij daargelaten: de beste manier om het beeld stabiel te houden is door gewoon uw adem in te houden terwijl u filmt. Of neem een statief, maar dat is niet zo handig om mee te zeulen.

6 - Film elk shot minimum acht seconden

Om alles later vlot te kunnen monteren op uw computer, zorgt u er best voor dat u per shot voldoende beeld hebt. Onze cameraman hanteert een gemiddelde van acht seconden per shot, zodat beelden vlot in elkaar kunnen overvloeien zonder dat ze hun essentie verliezen. U moet een klein beetje overschot hebben, dat - om eens een professionele term te gebruiken - op de montagevloer kan belanden.

7 - Neem niet teveel op

Om verder te bouwen op het vorige: overdrijf niet in het aantal shots die u opneemt. Naderhand moet u dat namelijk ook nog allemaal gaan bekijken voordat u het monteert, en dat kost handenvol tijd. Ook als u de beelden thuis ongemonteerd vertoont: uw toeschouwers zullen misschien één uur naar uw vakantieperikelen willen kijken. Geen vijf. Als u teveel beelden schiet, zitten bovendien uw geheugenkaartjes vol voordat u het doorhebt, waardoor u misschien de spectaculairste gebeurtenissen aan het einde van de vakantie niet meer kunt opnemen.

8 - Er is altijd nog een mooiere zonsondergang

Streef ook weer niet teveel naar perfectie. Als u een mooie zonsondergang heeft gefilmd, is dat genoeg om uw boodschap duidelijk te maken. Het heeft geen enkel nut om morgen nog een tweede te filmen, omdat de kleuren die u aan de einder ziet nog iets mooier waren dan die van gisteren.

9 - Niet ‘pannen’ of zoomen tijdens het filmen

Blijf van de zoomknoppen af als u filmt, want dat geeft een bijzonder instabiel beeld. Nog eens: denk in shots. Eerst in- of uitzoomen tot u tevreden bent over de cadrage van uw beeld, daarna pas op record drukken. Hetzelfde geldt voor ‘pannen’, of de camera van één kant in het landschap naar de andere bewegen: u denkt dat u daarmee een dynamisch filmpje aan het maken bent, maar wat u vooral krijgt is een instabiel beeld.

10 - Film het voertuig mee

Tijdens een auto- of boottocht zijn de beelden die u schiet meestal van mindere kwaliteit dan wanneer u gewoon in de buitenlucht filmt: in de auto zit u misschien achter een venster, of er vliegen waterspetters tegen de lens. Professionele cameralui proberen hun publiek zo weinig mogelijk te verwarren met dat soort beelden, door een stuk van het voertuig mee te filmen. Zo creëert u een referentiekader. Ook een ‘establishing shot’ van het voertuig voor u ermee vertrekt kan helpen.

Reacties